VAN IN
Inhoud HOEKENBOX Wiskunde voor leerjaar 4

Hieronder vindt u een overzicht van de opdrachten in de HOEKENBOX Wiskunde voor leerjaar 4. 
Dubbelklik op 'voorbeeld bekijken' in de laatste kolom van de tabel om de opdrachtfiche te kunnen bekijken.
 
 
 
Onderdeel Opdracht Wat? Voorbeeld bekijken
Metend
rekenen 1
Hoe laat? De leerlingen moeten de klok lezen en het tijdstip bepalen.
Metend
rekenen 2
Klokkwartet. De leerlingen leren de klok lezen, zowel analoog als digitaal.
(pdf. 435 kb)
Metend
rekenen 3
Raad-je-kaartje. De leerlingen meten een heleboel voorwerpen.
Metend
rekenen 4
Meterrace. De leerlingen moeten omzettingen maken van cm naar dm, m, mm.
Metend
rekenen 5
Verjaardagskalender.
De leerlingen moeten tijdsduur in dagen, maanden en jaren berekenen en data noteren op een kalender.
Metend
rekenen 6
Je identiteitskaart in getallen. De leerlingen meten delen van zichzelf en van hun partner.
Metend
rekenen 7
Warm of koud? De leerlingen vergelijken temperaturen; ze leren temperatuur uitdrukken en aflezen in °C.
Metend
rekenen 8
Literstrijd. De leerlingen moeten schatten, aflezen en vergelijken van inhoud: l – dl – cl – ml.
Metend
rekenen 9
Wie wordt het rijkst? De leerlingen rekenen met geld.
Getallenkennis 1 Geen beenbreuk, wel stambreuk! De leerlingen moeten stambreuken herkennen en lezen.
Getallenkennis 2 Jump tot 100 000. De leerlingen moeten getallen tot 100 000 lezen, schrijven en structureren en er bewerkingen mee maken.
Getallenkennis 3 Decimale memo. De leerlingen zetten decimale breuken om naar kommagetallen en omgekeerd.
Getallenkennis 4 Geheugentraining! De leerlingen zetten kommagetallen om naar een breuk en omgekeerd.
(pdf. 554 kb)
Getallenkennis 5 Hé, die heb ik ook! De leerlingen moeten gelijkwaardige breuken met elkaar associëren.
Getallenkennis 6 Onthoud die breuk! De leerlingen interpreteren breukbegrip.
Getallenkennis 7 Gevonden! De leerlingen splitsen en lezen getallen tot 100 000.
Getallenkennis 8 Ordenen met ‘Patience’! De leerlingen ordenen kommagetallen.
Getallenkennis 9 Ordenen met ‘Patience’! De leerlingen ordenen negatieve getallen.
Bewerkingen 1 Kaartbingo. De leerlingen moeten met 4 getallen bewerkingen uitvoeren om een opgegeven getal te vormen.
Bewerkingen 2 Hexentoer. De leerlingen moeten op een hexenbord een tegelpad naar de overkant maken.
Bewerkingen 3 Kommarace. De leerlingen moeten kommagetallen optellen en aftrekken.
Bewerkingen 4 Rekenrace 5 x 50. De leerlingen vermenigvuldigen met en delen door 5 en 50.
Bewerkingen 5 Koopjes zoeken. De leerlingen moeten kommagetallen cijferend optellen en aftrekken.
Bewerkingen 6 Cijfers! De leerlingen moeten een getal vormen door bewerkingen uit te voeren met opgegeven cijfers.
Bewerkingen 7 Breukendomino. De leerlingen moeten gelijknamige breuken optellen en aftrekken.
Bewerkingen 8 Dobbelen en cijferen. De leerlingen moeten cijferend vermenigvuldigen met een natuurlijk getal < 100 en een kommagetal (tot op 0,1).
Bewerkingen 9 ’k Heb ze! De leerlingen maken oefeningen op temporekenen.
Meetkunde 1 Zeerover! De leerlingen moeten zich oriënteren in een rooster met een X- en een Y-as.
Meetkunde 2 1, 2, 3 … doorgeven! De leerlingen herkennen en benoemen soorten hoeken (scherp, recht, stomp).
(pdf. 410 kb)
Meetkunde 3 1, 2, 3 … doorgeven! De leerlingen herkennen en benoemen soorten driehoeken volgens hun hoeken (rechthoekig, scherphoekig, stomphoekig).
Meetkunde 4 Levende gps. De leerlingen moeten op het vlak van vormleer de begrippen horizontaal, verticaal en diagonaal gebruiken en aanduiden.
Meetkunde 5 1, 2, 3 … doorgeven! De leerlingen herkennen en benoemen soorten driehoeken volgens zijden (gelijkzijdig, gelijkbenig, ongelijkzijdig).
Meetkunde 6 Familiekwartetspel. De leerlingen benoemen de eigenschappen van het vierkant, het parallellogram, de ruit, de rechthoek, en het trapezium.
Meetkunde 7 Kleurig vierkant. De leerlingen moeten samenwerken om een vierkant vol te leggen met de juiste kleuren.
Meetkunde 8 Vier op een rij. De leerlingen moeten zo snel mogelijk vier op een rij maken.
Meetkunde 9 Spiegelingen. De leerlingen doen ontdekkingen op het vlak van spiegelingen.
Meetkunde 10 Cirkelspel. De leerlingen tekenen cirkels en gebruiken eigenschappen van 4 hoofdbewerkingen om handig te rekenen.
Meetkunde 11 Spiegelhof. De leerlingen moeten het spiegelbeeld ontdekken en ervaren (meetkundige relaties).
Toepassingen 1 Klimmen maar! De leerlingen lossen eenvoudige rekenverhaaltjes op.
Toepassingen 2 Duim omhoog! De leerlingen lossen rechtevenredige verhoudingen op en berekenen het gemiddelde.


 |  | 

Credits