Print Bookmark

Unité 23: Le Tour de France!

  

Van loopfiets tot koersfiets
 
Zonder fiets zouden er geen wielerwedstrijden zijn. Maar het heeft bijna een eeuw geduurd voor de fiets zijn huidige vorm kreeg. De eerste fiets is de zogenaamde loopfiets, uitgevonden in het begin van de 19e eeuw. De twee wielen zijn verbonden met een plank met daarop een zitje en de bestuurder moet zich voortdurend met zijn voeten tegen de grond afzetten.
Veertig jaar lang blijft de loopfiets in omloop en jongelui uit die tijd houden er al wedstrijden mee, 's zondags in de parken.

In 1862 vindt een 14-jarige jongen het systeem van de pedalen uit. Ernest Michaux, de zoon van een Parijse sloten- en wagenmaker, heeft het idee om twee zwengels aan de as van het voorwiel te plaatsen. Nu kun je rijden door op pedalen te trappen. Henri maakt het voorwiel wat groter zodat je minder moet trappen om sneller vooruit te gaan.
 
De uitvinding wordt zo'n succes dat de familie Michaux er in de volgende jaren 20 000 exemplaren van zou verkopen! Iedereen wil een Michaux-fiets!
 
Sommigen maken het voorwiel zelfs steeds groter, want hoe groter het wiel, hoe harder je ermee kan rijden en dat is uiteraard belangrijk bij wedstrijden (ook al moet je dan harder trappen). Bij sommige modellen wordt het voorwiel tot anderhalve meter groot! Maar van die hoogte kun je er als "wielrijder" lelijk mee vallen en ongevallen zijn talrijk.

De volgende stap brengt ons dicht bij het model van de huidige fiets: in 1869 bedenken twee Fransen, Eugène Meyer en André Guilmet, een systeem van pedalen tussen de twee wielen. Dankzij tandwielen brengt een ketting de aandrijving naar het achterwiel. Je moest er maar aan denken! Door een groter tandwiel aan de pedalen te gebruiken kun je ook de snelheid verhogen. Prima voor de snelheidsduivels! Hoewel Meyer en Guilmet voor hun uitvinding een prijs kregen, zou het bijna 20 jaar duren voor dit model een commercieel succes zou worden.

 
De eerste grote wielerwedstrijden
 
Tot de jaren 1860 waren wielerwedstrijden vooral voor het amusement van rijke jongelui 's zondags in het park. Maar dan ontstaan er wielerclubs en wedstrijdreglementen. In 1868 organiseert de Véloce Club de Paris de eerste officiële koers in Parijs, meteen met internationale deelnemers. De Brit James Moore wordt de winnaar!

 

In 1869 organiseert de club een wedstrijd over een "enorme" afstand: 123 kilometer van Parijs naar Rouen. Opnieuw wint James Moore: hij doet er 10 uur en 45 minuten over. Trappend op de pedalen aan het voorwiel haalt hij bijna 12 kilometer per uur! Bij de eerste moderne Olympische Spelen in 1896 in Athene is de wielersport zodanig ingeburgerd dat het een van de disciplines is. De Fransman Léon Flameng wint er goud op de 100 kilometer. Hij haalt gemiddeld 27 km per uur. Duizelingwekkend voor de tijd!

 

De Ronde van Frankrijk gaat van start

 

In 1903 organiseert Henri Desgranges, de uitgever van een sportkrant, de eerste Ronde van Frankrijk. Het idee alleen vinden veel mensen al te gek, want de koers kondigt zich als onmenselijk aan: 2 486 kilometers in slechts zes etappes. De kortste etappe is al 268 km, de langste 471! En dat met de zware fietsen uit die periode, zonder versnellingen, over kasseien, zand- en modderwegen. Daarenboven moeten de renners zelf voor alles zorgen, bagage, gereedschap, voeding en drank. Niemand mag hen onderweg helpen. Om de etappe te halen moeten ze ook vaak 's nachts doorrijden langs niet verlichte wegen. Die onvoorstelbare uitdaging zorgt natuurlijk wel voor veel sensatie. Van de 60 deelnemers komen er maar 21 aan in Parijs. De eerste die aankomt, Maurice Garin, heeft 3 uur voorsprong op de tweede. De laatste komt pas twee en een halve dag later aan!

Het jaar daarop besluit Henri Desgranges het nog eens te proberen. Maar de Tour van 1904, nog zwaarder dan de vorige, zorgt voor een hele reeks schandalen. Er is immers weinig controle onderweg en op die lange afstanden, vooral 's nachts, zijn er amper toeschouwers. Nogal wat renners profiteren ervan door zich met een auto te laten vervoeren, enkele nemen zelfs de trein naar een volgend station en rijden dan verder. Sommige renners worden aangevallen en tegengehouden door supporters van een andere renner. Het gonst van de geruchten over die oneerlijkheden. Na de Tour volgt een onderzoek en de vier eersten worden gediskwalificeerd. De vijfde, Henri Cornet, een brave jongen van 20 jaar, wordt als winnaar uitgeroepen.

 

Door al die problemen is Henri Desgranges zo ontmoedigd dat hij nooit meer een Ronde van Frankrijk wil organiseren. Maar het jaar daarop bedenkt hij zich. Hij begrijpt dat er meer regels en controles nodig zijn om de Ronde te laten slagen. Vanaf 1905 krijgt de Tour een nieuwe vorm: meer korte etappes en enkel overdag rijden. Elk jaar zou het succes ervan stijgen zodat het uiteindelijk een van de grootste sportevenementen van het jaar wordt.